Andriessen

geschiedenis van een doopsgezinde familie

Anna Elisabeth Menkema

IV.

Anna Elisabeth Menkema, geb. Amsterdam 6 februari 1788, overl. Amersfoort 31 januari 1876, tr. 31 juli 1811 Pieter Arnoldus Sanderus, mr. Orde der Vrijmetselaren, zn. van Pieter Sanderus en Maria Margaretha Becker, geb. Amsterdam 29 november 1785, overl. Amsterdam 25 ferbruari 1813. Uit dit huwelijk Sara Elisabeth, volgt V.

 

V.

Sara Elisabeth Sanderus, geb. Hees-Nijmegen 28 juli 1812, overl. te

9 oktober 1883. tr. Amersfoort 24 juni 1841 Cyprianus Gerhardus A. van Gorkum, majoor der artillerie, Ridder 4e klasse Militaire Willemsorde. Ridder van de Orde van de Eikenkroon, versierd met het Metalen Kruis, nam deel aan de gevechten in en om Brussel tijdens de revolutie van 1830, geb. Amsterdam 4 oktober 1807, overl. 9 januari 1879.

 

 

 

 

Anna Elisabeth Sanderus-Menkema vermaakte de hele nalatenschap aan

haar dochter Sara Elisabeth Sanderus op last van de volgende legaten:

- voor kleindochter Anna Elisabeth Sara van Gorkum een kapitaal in in het Grootboek Nationale Schuld dat f. 500,- rente opbrengt op voorwaarde dat zij zolang zij bij (een van) haar ouders woont zij hen f. 200,- zal afstaan. - voor kleindochter Pauline Maria van Gorkum een dito kapitaal met f. 500,- rente, waarvan deze rente uitgekeerd dient te worden aan de halfzuster van erflaatster Johanna Frederika Menkema, zolang deze leeft. - aan haar dienstmaagd Jansje van der Polf. 100,- . Zij benoemde tot administrateurs

van de nalatenschap de heren Kerckhove en Compagnie in Amsterdam.